Titel :
N of M

Auteur(s) :
Agatha Christie

ISBN :
9789024513123




Reacties van lezers.

Door : Lars van Eesteren | 31.12.2012
Het is aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. De zesenveertigjarige Tommy Beresford probeert binnen de Engelse geheime dienst aan een baan te komen. Dat lukt niet direct. Ook zijn vrouw Tuppence zou graag weer iets willen ondernemen. Dan krijgt Tommy van de heer Grant van de Engelse geheime dienst een geheime opdracht die hij zelfs niet aan Tuppence mag vertellen. Grant legt uit, dat de Duitsers in Engeland op diverse plaatsen belangrijke spionnen hebben zitten. Zelfs binnen de strijdkrachten en de geheime dienst zijn ze aanwezig. De namen van de twee belangrijkste spionnen zijn N en M. De geheime dienst weet, dat N een man is en M een vrouw, maar verder ontbreekt iedere identificatie. Grant wil nu graag, dat Tommy uitzoekt wie deze twee personen in werkelijkheid zijn. Het spoor leidt naar het pension “Sans Souci” in het Engelse kustplaatsje Leahampton. Tommy neemt onder de naam Meadowes zijn intrek in het pension, dat eigendom is van mevrouw Perenna. Er zijn nog meer gasten in het pension: de dikke Ierse mevrouw O’Rourke, majoor Bletchley, de uit Duitsland gevluchte chemicus Carl von Deinim, de oude mevrouw Sophia Minton, de weduwe Blenkinsop - die tot de stomme verbazing van Tommy niemand anders dan zijn vrouw Tuppence blijkt te zijn -, het echtpaar Alfred en Elisabeth Cayley en de jonge mevrouw Millicent Sprot met haar tweejarige dochtertje Betty. Als Tommy later met Tuppence praat, vertelt deze hem, dat ze het gesprek tussen Tommy en Grant afgeluisterd heeft en toen besloten heeft Tommy bij deze zaak te helpen. De eerste verdachte die Tommy en Tuppence in het oog hebben is Carl von Deinim. Hij gedraagt zich wat stijfjes en ze zien hem buiten het pension met een onbekend meisje staan praten. Tuppence praat met hem en hoort, dat hij op een chemisch laboratorium in de buurt werkt en gevlucht is voor de nazi’s. Tommy sluit vriendschap met majoor Bletchley en gaat met hem golfen. Op de golfclub ontmoet hij een vriend van Bletchley, de marineofficier overste Haydock. Tuppence spreekt met mevrouw O’Rourke en merkt, dat zij een scherp waarnemingsvermogen heeft. Zo denkt mevrouw O’Rourke, dat mevrouw Perenna ook een Ierse is. Tommy en Tuppence bespreken hun ervaringen met de diverse pensiongasten. Volgens hen zou mevrouw Perenna heel goed M kunnen zijn. Ze voldoet aan alle eisen: ze is Ierse, haat de Engelsen, heeft in Europa gereisd en heeft als pensionhoudster een perfecte camouflage opgezet. Tuppence gelooft niet, dat Von Deinim N is. Ook een aantal andere pensiongasten lijkt niet gevaarlijk te zijn, zoals mevrouw Minton en Millicent Sprot. Alfred Cayley en mevrouw O’Rourke zouden wel gevaarlijk kunnen zijn. Tommy denkt, dat majoor Bletchley ook geen verrader is. Millicent Sprot gaat een dagje naar Londen en de pensiongasten passen om de beurt op Betty. Als Millicent die middag terugkeert en de pensiongasten over haar belevenissen vertelt, blijkt Betty op een gegeven moment verdwenen te zijn. Onderzoek wijst uit, dat Betty ontvoerd is door een vrouw die al eerder in de buurt van het pension gezien is. Mevrouw Perenna adviseert Millicent achter de ontvoerster aan te gaan. Iedereen vindt dat een goed idee en Tommy, Tuppence, Millicent, Bletchley en Haydock zetten per auto de achtervolging in. Het spoor leidt naar de rotsen aan de kust. Op een gegeven moment ziet het gezelschap Betty en de ontvoerster lopen. Ze halen hen in en de ontvoerster dreigt Betty vervolgens van de rotsen te gooien. Daarop schiet Millicent de ontvoerster dood met het pistool, dat ze van majoor Bletchley geleend heeft. Als Tommy na een golfpartij met Haydock in diens huis dineert, valt het hem op, dat de bediende van Haydock, Appledore, nogal Duits overkomt. Als Appledore vervolgens likeur op Tommy morst en deze zich in de badkamer gaat wassen, ontdekt Tommy bij toeval een geheime ruimte, waarin hij een zendinstallatie ziet staan. Dan ziet Tommy in, dat hij een fatale fout gemaakt heeft. Haydock is niemand anders dan N! Tommy wordt vervolgens neergeslagen en in de kelder opgesloten. Tuppence komt eveneens in de problemen als ze een ander spoor volgt. Ze wordt ook door Haydock gevangen genomen en door hem met de dood bedreigd. Zowel Tommy als Tuppence worden uiteindelijk door Grant bevrijd. Haydock vindt hierbij de dood. Tuppence ontmaskert tot slot Millicent Sprot als M. Betty was in werkelijkheid de dochter van de ontvoerster die een Poolse vluchtelinge bleek te zijn. Millicent gebruikte Betty als camouflage voor haar spionageactiviteiten, omdat niemand een moeder met een kind zou verdenken. Toen de ontvoerster haar kind terug wilde halen, aarzelde Millicent niet om haar met een welgemikt schot dood te schieten. Ze moest immers voorkomen, dat de waarheid bekend zou worden. Millicent was een volleerd scherpschutter. Carl von Deinim blijkt achteraf ook een Engels geheim agent te zijn. Dit boek van Christie (1890 – 1976) verscheen voor het eerst in 1941. Ik vind het een spannend geschreven boek. Ik zag niet aankomen, dat Millicent Sprot M was. Ik had echter wel door, dat Haydock N wel eens zou kunnen zijn. De spanning wordt goed gedoseerd en langzaam opgebouwd. Het einde is logisch en bevredigend. En er zit ook nog humor in het slothoofdstuk, omdat daar de twee kinderen van Tommy en Tuppence - Derek en Deborah; ze zijn een tweeling - denken, dat hun ouders maar een saai leven leiden, waarin nooit iets gebeurt. Een klassieke detectiveroman zou ik dit boek overigens niet willen noemen. Er wordt wel iemand in doodgeschoten, maar dat lijkt op dat moment gerechtvaardigd vanwege de ontvoering van Betty. Dit boek is veel meer een spionageroman.


Boekenarchief.nl