Titel :
De versierde bedstee

Auteur(s) :
Havank

ISBN :
9789022904237




Reacties van lezers.

Door : Lars van Eesteren | 01.09.2009
Hoofdcommissaris Bruno Silvčre en hoofdinspecteur Charles Carlier, beter bekend als de Schaduw, zijn in Amsterdam om een internationaal politiecongres bij te wonen. In de krant leest de Schaduw een hoogst merkwaardig politiebericht uit Londen. Daar is een gepensioneerde loodgieter, Leonard Smith geheten, vermoord. Hij werd opgehangen in zijn huis gevonden. De politie concludeert, dat Smith vermoord is. In zijn oor was namelijk een briefje geprikt, waarop “12/12” stond. Er vindt nog een tweede moord plaats. Priscilla Wippem, lerares op een Engelse kostschool, wordt eveneens opgehangen aangetroffen. In haar haar is ook een briefje geprikt met daarop de cijfers “11/12”. De politie gaat er vanuit, dat de “ongrijpbare hangman” ook voor deze moord verantwoordelijk is. Ze tast echter in het duister voor wat betreft het motief voor beide moorden. Intussen is de Schaduw geďnteresseerd geraakt in beide moorden en heeft hij telefonisch contact gezocht met zijn vriend Jorkins. Wanneer hij en Silvčre echter gemoedelijk met hun Nederlandse collega en vriend hoofdinspecteur Hans Uyttenbogaert in Amsterdam zitten te dineren, wordt de Schaduw opeens aan de telefoon geroepen. Het blijkt, dat er een derde moord heeft plaatsgevonden, deze keer in Parijs en wel op de daar wonende Engelse advocaat Cecil Rosser. Ook hij is door middel van ophanging vermoord en op zijn lichaam wordt eveneens een briefje met daarop de cijfers “10/12” gevonden. Silvčre en de Schaduw vliegen gelijk terug naar Parijs om de zaak te onderzoeken. De Schaduw stelt vast, dat alle drie doden Engelsen waren en ooit in Londen woonden. Daar moet dus ergens een gemeenschappelijk kenmerk liggen. De Schaduw krijgt het vermoeden, dat de moordenaar waarschijnlijk bezig is om, in omgekeerde volgorde, twaalf mensen te vermoorden. Hij zoekt naar het motief daarvoor, raadpleegt de dagboeken van Rosser die hij in diens brandkast aantreft en lijkt daarin een spoor aan te treffen. De Schaduw vermoedt, dat de moordenaar bezig is de twaalf leden van een jury te vermoorden. Alle slachtoffers waren zeventien jaar geleden in Londen lid van de jury inzake het proces Agnes Witley. Agnes werd ervan verdacht haar echtgenoot Albert vermoord te hebben. Zijn lijk werd namelijk in de schuur achter het huis opgegraven. De jury sprak het “schuldig” uit en Agnes werd opgehangen. Om het spoor verder te onderzoeken vertrekt de Schaduw naar Londen, alwaar hij het dossier Witley bestudeert op het advocatenkantoor dat Agnes verdedigde. Hij ontmoet daar de eerste klerk, een zekere Poles, en deze blijkt een halfbroer van Agnes te zijn. De broer van Poles, Peter, blijkt zeventien jaar geleden ook op mysterieuze wijze verdwenen te zijn. De Schaduw vindt dit alles hoogst merkwaardig en vraagt zich af of er een verband tussen Poles en de moorden bestaat. Ook vraagt hij zich af of Agnes Witley eigenlijk wel schuldig was aan de moord op haar echtgenoot en ook of deze laatste eigenlijk wel dood is. De Schaduw laat Poles schaduwen en deze vertrekt naar een afgelegen huis, dat bekend staat onder de naam “De Versierde Bedstee”. Het was in vroeger eeuwen een herberg. De Schaduw ontdekt uiteindelijk hoe de vork in elkaar steekt. Agnes Witley was onschuldig. Albert wilde van haar af en vermoordde iemand anders die hij voor hem door liet gaan. Agnes kreeg de schuld en werd opgehangen. Daarna trouwde Albert met Priscilla Wippem. Peter Poles was voorheen met Agnes verloofd geweest en wilde haar dus wreken toen hij en zijn broer achter het bedrog van Albert kwamen. Peter was helemaal niet verdwenen; hij zat al die tijd in Canada. Hij kwam terug naar Engeland en samen met zijn broer rekende hij af met Albert en de drie voormalige getuigen, omdat zij in hun ogen verantwoordelijk waren voor Agnes’ dood. Dit boek van Havank (1904 – 1964) verscheen voor het eerst in 1949. Ik vind het een origineel verhaal, dat goed en logisch in elkaar zit. De verhaallijn ontwikkelt zich zonder al te veel zijsprongen en komt automatisch bij de ontknoping uit. Die ontknoping zit overigens nog boordevol verrassingen! Uiteraard speelt de schrijver in dit boek ook weer onvervaard met de taal. Ook de humor ontbreekt niet. Zo steekt de schrijver af en toe flink de draak met de controle- en regelzucht van de overheid. Hij laat de Schaduw tijdens een tochtje op de waterfiets in de Amsterdamse grachten zelfs zeggen, dat in Nederland de “helft van de bevolking z’n brood verdient met de andere helft te contoleren en op de nek te zitten”.


Boekenarchief.nl